Hoe kan het bedrijfsleven bijdragen aan de aanpak van de negatieve gevolgen van bevolkingskrimp? En hoe kunnen de kansen die krimp biedt voor de ontwikkeling van het landelijk gebied, beter worden benut? Over deze vragen vraagt het kabinet dit najaar advies aan de Sociaal-Economische Raad (SER).
De adviesaanvraag vloeit voort uit het vorig jaar vastgestelde interbestuurlijk actieplan bevolkingsdaling ‘Krimpen met kwaliteit’. Daarin beschrijven Rijk, provincies en gemeenten hoe zij ongewenste gevolgen van bevolkingskrimp gaan aanpakken, maar ook de kansen die krimp biedt voor een beter leefbaarheid. Uitgangspunt is dat krimp een onomkeerbaar proces is, waar gemeenten tijdig op moeten inspelen door samen te werken en te zorgen voor een effectieve inzet van middelen.
Het kabinet vraagt de SER hoe de bewustwording verder kan worden vergroot en hoe het bedrijfsleven kan inspelen op de demografische veranderingen, bijvoorbeeld als het gaat om de leefbaarheid en het niveau van voorzieningen. Het kabinet wil ook weten welke kansen er zijn op het gebied van natuur, recreatie en toerisme en welke (financiële) beleidswijzigingen dat vraagt. Tot slot moet de SER kijken naar de bijdrage die het bezit van een tweede woning in een krimpgebied kan leveren aan de leefbaarheid op het platteland.
Bron: VNO-NCW Weekbulletin 09, 12-03-2010